Leren van toetsen en feedback in de (top)sportwereld

Door: Els Roskam-Pelgrim (beleidsadviseur Toetsing Avans Hogeschool)

‘Leren van toetsen’ kan vanuit meer perspectieven worden belicht dan alleen vanuit het perspectief van het onderwijs. Vanuit een ander perspectief krijgen we misschien nieuwe inzichten waarmee we in het onderwijs aan de slag kunnen. ‘Leren van toetsen’ is namelijk iets dat in de sportwereld aan de orde van de dag is. Zeker wanneer ‘toetsen’ wordt beschouwd als ‘meten’. Met name in de topsport meten ze snelheid, hartslag, gescoorde punten etc. etc. Op basis van al deze toetsen wordt geleerd. Ook is het geven en ontvangen van feedback zeer belangrijk in de topsport. De sporter, zijn team, de coach, ze hebben allemaal hetzelfde doel. Ze hebben elkaar nodig om hun gezamenlijke doel te bereiken.  Heel veel formatieve toetsmomenten zijn er natuurlijk tijdens trainingen.

Een voorbeeld uit de roeiwereld om het concreet te maken:
Acht roeisters, een stuurvrouw en een coach beginnen de training met een voorbespreking. De coach neemt het woord en instrueert de ploeg: welk technisch ontwikkelpunt staat centraal in deze training (vaak staat het centraal in een reeks van trainingen), welke oefeningen gaan er gedaan worden, hoeveel kilometer gaat er gevaren worden en wat zijn de specifieke aandachtpunten per roeister.

Bij het intillen van de boot neemt de stuurvrouw de leiding. Ze geeft commando’s (tillen-gelijk-nu), vergelijkbaar met commando’s in het leger. Belangrijk is dat de roeisters de boot op hetzelfde moment tillen, zodat én de roeisters heel blijven én de boot. Ook in de boot geeft de stuurvrouw commando’s (bouwen-na-nu), zodat alle roeister aanwijzingen op een zelfde moment uitvoeren, waardoor de boot zo maximaal mogelijk wordt aangedreven.

De coach fietst mee op de kant en geeft feedback door een megafoon. Ondertussen klokt hij met de stopwatch tussentijden om te zien of zijn aanwijzingen effect hebben op de bootsnelheid. Tussentijds wordt soms de boot stilgelegd om feedback verder te verduidelijken. De ploeggenoten (stuurvrouw en roeisters) kunnen elkaar onderling tijdens tussenbesprekingen ook feedback geven. Soms kunnen ze voor een gedeelte zien wat de ander doet, maar ze kunnen vooral voelen wat er gebeurt met de boot. Achteraf volgt er een nabespreking. De roeisters reflecteren op de training. Wat ging goed, wat kan beter? Hoe kijkt de coach hier tegenaan, en de stuurvrouw? Het plan voor de komende training(en) wordt bepaald. De coach kan ook video-opnames maken van trainingen om achteraf met de ploeg te bekijken. Zo kunnen de roeisters niet alleen reflecteren op wat ze voelen in de boot, maar kunnen ze het ook zien vanuit het perspectief van de coach.

De ultieme ‘summatieve toets’ is natuurlijk een wedstrijd. Het is een toets met een normatieve cesuur. De absolute score doet er niet toe, als deze maar beter is dan die van de concurrenten. Zowel bij winst, als bij verlies biedt deze summatieve toets ook weer een scala aan mogelijkheden om van te leren.

Wat kan het onderwijs nu leren van de sportwereld?
Belangrijk voor het bereiken van het doel, is dat het een gezamenlijk doel is. De sporter wil winnen, maar ook de coach wil dat en geniet er net zoveel van als dat doel wordt behaald. Ik denk dat dit ook in het onderwijs het geval is. Docenten zijn blij en trots als hun studenten de eindstreep halen. Maar is dit ook altijd zichtbaar voor studenten? Voelen zij ook dat zij een team vormen met de docenten om samen hun doel te behalen? Misschien helpt het om dit meer centraal te stellen. Daarbij is het ook belangrijk om het doel zorgvuldig te formuleren; wil je je diploma halen (allemaal zesjes is genoeg) of wil je een goede beroepsbeoefenaar worden die gewild is bij bedrijven.

In de sport is formatieve toetsing altijd en overal aanwezig. Er wordt veelvuldig getraind, maar ook wedstrijden worden formatief ingezet. Zo kun je je onderwijs ook organiseren. Zorg ervoor dat formatieve toetsing altijd en overal aanwezig is. Dit vraagt wel van het onderwijs dat lijntjes kort zijn, dat docenten en studenten elkaar kennen en elkaar zien werken aan de ontwikkeling richting het doel. Ook van de summatieve toetsmomenten kan veel worden geleerd, omdat ook deze je iets zeggen over het bereiken van je doelstelling.

In een veilig leerklimaat is veel mogelijk. Het is goed als feedback voldoet aan feedbackregels, maar als het leerklimaat veilig genoeg is, (bijvoorbeeld korte lijntjes en een gezamenlijk doel dat wordt gevoeld door allen) kunnen dingen makkelijker gezegd worden (zelfs in commandostijl zoals een stuurvrouw doet in een roeiboot).

Tenslotte is het goed om de lerende te laten reflecteren op zijn eigen ontwikkeling. Hierbij gaat het er niet om dat dit pagina’s vol aan ‘bewijsmateriaal’ van de betreffende reflectie oplevert. Sporters schrijven dit ook niet op! Wel vraagt de coach: hoe ging de training? Wat vond je moeilijk? Wat heb je geleerd? Waar wil je nog aan werken? Als hetgeen er geleerd moet worden het toelaat, is het ook zeer interessant om eens vanuit een ander perspectief, bijvoorbeeld door middel van video naar jezelf te kijken.

Nu wij in dit blog zelf ook een ander perspectief hebben gekozen biedt dit ons als onderwijsmensen ook aanknopingspunten om ons onderwijs vorm te kunnen geven. Het laat ons op een andere manier naar onszelf kijken. Genoeg reflectiemogelijkheden dus!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s